TUTORIAL : KUSSEN MET PASPEL

Heel eenvoudig, maar zo dankbaar: nieuwe kussens in de zetel. Afhankelijk van het seizoen, je humeur, nieuwe meubels, … . Volgens onze methode (zonder rits!) zit dit kussen in een wip in elkaar. En met een extra paspel komen ze precies uit een boetiekje. Dus GO! 

Je kunt ze bovendien in een hele waaier aan stoffen maken: canvas, katoen, fleece, bouclé, … . Laat je helemaal gaan!

BENODIGDHEDEN (voor een kussen van 50X50cm)

– stof / paspel / garen passend bij de stof

HOEVEEL ?

De afmetingen in deze handleiding zijn gebaseerd op een kussen van 50X50cm. Andere afmetingen kunnen uiteraard ook. Hou deze regels in acht:

– Voorpand: afmetingen van het kussen, extra naadwaarde is niet nodig. Voor een kussen van 50X50cm knip je dus een voorpand van 50cm op 50cm.

– Achterpanden: Knip 2X de helft van het voorpand + 10cm. Voor een kussen van 50X50cm knip je dus 2 achterpanden van 35cm breed op 50cm hoog.

=> Gebruik je dezelfde stof voor voor- en achterpanden, dan heb je 50cm nodig op basis van stofbreedte van 140cm, 100cm op basis van een stofbreedte van 110cm.

– Paspel: De som van alle zijden + 15cm. Voor een kussen van 50X50cm knip je dus 215cm paspel. Paspel is optioneel, zonder kan het uiteraard ook. Wens je paspel? Gebruik dan je (blinde) ritsvoetje.

AAN DE SLAG

1. Heb je een snel rafelende stof, zigzag of overlock dan alle randen.

2. Neem de achterpanden en strijk bij beide achterpanden een van de lange zijden 1cm en vervolgens 2cm om.

3. Stik door op 1,5cm. Doe dit bij beide achterpanden.

4. Neem het voorpand en bevestig de paspel op de goede kant van de stof. Begin ergens in het midden van een zijde met een naadwaarde van 1cm.

5. Stik de paspel vast, maar laat de eerste 5-tal cm los. Je stikt in het stiksel van de paspel. Gebruik je ritsvoetje en laat de paspel er netjes langs lopen. Heb je een blinde ritsvoet? Laat de paspel dan in het gleufje onderaan lopen.

6. Nader je een hoek? Stop dan met stikken op 1cm van de rand. Markeer een schuine streep van op 1cm van de rand tot in de hoek van de stof. Knip op deze lijn de paspel door tot net voor het stiksel.

7. Draai de paspel zodat deze met 1cm naadwaarde aan de volgende zijde komt te liggen. Stik rond de hoek en verder. Herhaal stap 6 & 7 voor de 4 hoeken.

8. Stop met stikken op een 5-tal cm van het einde/begin. Maak het stiksel van 1 van de eindjes paspel los met je tornmesje. Leg beide eindjes naast elkaar en markeer een overlappend punt. Op die plaats knip je het touwtje van het losgetornde stuk paspel door én het resterende stuk van het andere paspeleind, zodat beide stukken netjes op elkaar aansluiten.

9. Vouw de naad van het losgetornde stuk naar binnen en plooi het rond het andere eind. Stik de paspel nu verder vast.

10. Speld 1 van de achterpanden vast op het voorpand. Heeft je stof een print met boven en onderkant, zorg dan dat voorpand en achterpand in dezelfde richting liggen). Zet dit deel vast aan het voorpand door 1mm (verder van de stofrand) naast het vorige stiksel te stikken. Leg hiervoor je voorpand bovenaan

11. Herhaal stap 10 voor het tweede achterpand.

page4image1762176

12. Keer de hoes, duw de hoekjes uit, strijk nog eens netjes na en plaats er een kussen in.

KLAAR!!!

Wist je trouwens dat we dit kussen maken in de workshop reeks “start-to-sew”. Onder begeleiding is ie op één sessie helemaal af. Dus durf je het niet alleen aan? Schrijf je dan in voor onze beginnersreeks. Dan gaan we samen aan de slag!